Voor oranje en voor de republiek

Volgens sommige republikeinen moeten we de kleur oranje verafschuwen. Ik zou niet weten waarom. Alsof de koninklijke familie er patent op heeft.

Afgelopen week heb ik voor het eerst een wedstrijd van het Nederlands Elftal bijgewoond. In Boedapest, tegen de Tsjechen en het voetbal was niet om aan te gluren. Het maakte mij weinig uit. Ik had al een fantastische dag achter de rug dankzij mijn vrienden en het oranjelegioen.

Ajacied, superboer, Limburger, Groninger, academicus of monteur, ze stonden er allemaal. Met een paar duizend gelijkgestemden sprongen we in de fanzone op de simpele deuntjes van Charlie Lownoise. Ook de spaarzaam aanwezige Tsjechen deden trouwens vrolijk mee.

Ja, de meeste supporters droegen oranje, en ja die kleur is afgeleid van het koninklijk huis. Maar bovenal is het een kleur die lekker opvalt en in tegenstelling tot rood, wit of blauw niet gebruikt wordt in een ander Europees land. Persoonlijk vind ik het ook een lelijke kleur; als in normaal zou je het niet dragen, maar juist dat zorgt voor verbinding. Even iets minder onderscheid.

Nu weet ik dat er soms gedaan wordt alsof oranje menigtes – met name op Koningsdag – zouden wijzen op de populariteit van de monarchie. Ik vraag het me af. Tijdens de laatste COVID-editie misten velen het feest, maar slechts weinigen het officiële paleisgedeelte. Ook bij het oranjelegioen zou ik de koningsliefde niet overschatten; ik heb er zelfs nog nieuwe leden geworven voor Republiek.

Een van die gesprekken begon als volgt: ‘Wat doe je?’ – Ik leg uit wat Republiek doet – ‘Ja ok, monarchie is achterhaald, maar Koningsdag is toch leuk?’ – ‘Andere naam en lekker blijven vieren’ – ‘Kunnen we dan nog wel oranje dragen?’ – ‘Die familie heeft er toch geen patent op?’.

Iedere republikein moet het natuurlijk voor zichzelf bepalen, maar mij lijkt de kleur oranje verder geen obstakel op weg naar een democratischer staatsvorm. We zullen niet de eerste republiek zijn die symbolen heeft behouden uit het verleden.

Daarom: Ik ben voor de republiek en voor oranje. Maar dan wel graag met beter voetbal.


Dit is de nieuwe opinieafdeling van republiek.org. Via deze link kun je zelf een opinieartikel insturen.

3 reacties op “Voor oranje en voor de republiek”

  1. Ik sta voor rood-wit-blauw maar die oranje wimpel kan wat mij betreft gestolen worden.
    Publicitair is het wel een goede stunt dat die kleur zowel voor nationale sportteams staat als voor dat koningshuis.
    Van mij mag de Dag van de Republiek zó ingevoerd worden, bij voorkeur op 30 april (en nee, dat is niet een willekeurig gekozen datum)

    1. Menno Tjoelker

      Al enkele jaren geleden is na een peiling onder de leden van het Republikeins Genootschap een ‘Dag van de Republiek’ aangewezen, namelijk 26 juli. Dit omdat op 26 juli 1581 door de Staten-Generaal het Plakkaat van Verlatinghe werd uitgevaardigd. Het is jammer dat hier nooit een vervolg aan is gegeven – de enige publicitaire actie schijnt die keuze geweest te zijn. We zouden de omroep, kranten enzovoort op die dag kunnen attenderen en zo weer eens in de publieke aandacht komen. Er wordt veel te vanzelfsprekend gedaan over het feit dat Nederland een monarchie is. Ook het grote deel van de bevolking dat géén aanhanger is van de monarchie mag wel eens aandacht krijgen. Tenslotte heeft men wèl aandacht voor elke scheet van rare lui als Wilders, Baudet en consorten.

  2. Een vrije republiek kan ook niet zonder bestuur! Een land zonder bestuur vervalt tot anarchie. Dus moet er worden gezocht welk soort bestuur het beste is voor ons land. Niemand mag of kan maar het geringste voordeel méér genieten dan welke persoon dan ook. We zullen een waarlijk neutraal gestelde vervanger van de grondwet moeten schrijven waarbij letterlijk iedereen de zelfde grondrechten heeft, zonder enige uitzonderingen en voorbehoud.
    Natuurlijk is dat makkelijker gezegd dan gedaan, in het huidige systeem zullen niet weldenkende mensen via ‘vriendjespolitiek’ de politieke benoemingen gaan regelen, een nieuwe grondwet of niet. De rechtse politiek zal proberen de macht naar zich toe te trekken zoals dat met de huidige elite gebeurt. In een nieuw manifest moet bijvoorbeeld Hoofdstuk 1, Artikel -3 ‘Alle Nederlanders zijn op gelijke voet in openbare dienst benoembaar. Met vervanging van benoembaar door de toevoeging ‘door middel van verkiezing’, worden overgenomen uit de huidige grondwet.
    De toekomstige bestuursvorm moet zodanig goed doordacht worden opgezet, dat welke politieke stroming of filosofie dan ook er geen voordeel uitgehaald kan worden. In ieder geval kan de huidige grondwet op de vuilnishoop. Die grondwet is een vrijbrief voor één familie (het gehele Hooftstuk 2) en heeft in feite niets te bieden aan de rest van de Nederlanders, met uitzondering van enkele bruikbare artikelen.
    De huidige veiligheidsdiensten worden afgeschaft zodat kwaadwilligen (zoals voorheen Bernhard zur L. en zijn dochter B von Amsberg) geen misbruik kunnen en mogen maken van hun diensten. Nieuwe veiligheidsdienst(en) moeten doorzichtig zijn, en uitsluitend de veiligheid van de staat en de ingezetenen beschermen. Waarbij hun werk en eventuele bevindingen openbaar moeten worden. Ook mogen die diensten geen opdrachten van buitenlandse veiligheidsdiensten, van welk ander land dan ook, accepteren. Privé personen kunnen en mogen geen opdrachten aan een veiligheidsdienst geven, niet rechtstreeks en ook niet via welke rijksdienst dan ook.
    In een staat waar vrijheid van meningsuiting werkelijkheid is, kan beperking van dat recht niet worden toegestaan. En dat is in feite het tegenover gestelde van wat er nu gaande is.
    Provincies, gemeenten en waterschappen en andere openbare lichamen, moeten grondig worden herzien. De huidige Staten Generaal kan verdwijnen, de Eerste kamer, die dikwijls een sta in de weg is voor democratische besluitvorming wordt afgeschaft. Zéér belangrijke wetsvoorstellen of besluiten van landsbelang moeten via referenda aan het volk worden voorgelegd, en de meerderheid beslist. Dat maakt een eerste kamer totaal overbodig. Nu besluiten meestal tot de elite behorende over een belangrijk beleidsvoorstel zonder dat de Nederlander er een stem aan heeft kunnen geven. Alle openbare lichamen kunnen worden ingedeeld bij ministeries, waar de mensen zitten die over de nodige kennis/expertise beschikken.
    De Raad van State wordt opgeheven en vervangen door een Constitutioneel Hof. De huidige Raad van State die wordt voorgezeten door iemand die door niemand kan worden benoemd, is door het ondemocratische gehalte ervan totaal overbodig. In het nieuwe Constitutionele Hof worden uitsluitend mensen benoemd die kennis van zaken hebben (vakmensen) en die niet – voor het leven – kunnen worden benoemd. Geboorterecht is in de nieuwe opzet geen enkel argument.
    De term “bij koninklijk besluit” wordt vervangen door “Aldus het volk van Nederland”.
    ‘T is zo eenvoudig!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *